Gent bevestigt zijn reputatie als stad voor architectuur en design

Gent wordt internationaal steeds nadrukkelijker bekeken als bestemming voor architectuur en design. Het Britse magazine Wallpaper wijdde deze week een uitgebreid artikel aan de stad en bracht daarin een reeks plekken samen die tonen hoe historisch erfgoed, modernisme en hedendaagse architectuur er dicht naast elkaar bestaan.

Dat beeld klopt opvallend goed met wat er vandaag in Gent gebeurt. Het vernieuwde Design Museum Gent opende begin oktober opnieuw de deuren, het Wintercircus kreeg een tweede leven als creatieve en technologische ontmoetingsplek en gebouwen als de Boekentoren blijven bepalend voor de architecturale identiteit van de stad.

Design Museum als nieuw vertrekpunt

Een logisch beginpunt is het volledig vernieuwde Design Museum Gent. Na vier jaar renovatie en uitbreiding heropende het museum op 3 oktober.

De nieuwe vleugel werd ontworpen door het Britse bureau Carmody Groarke samen met het Belgische ATAMA. RE-ST stond in voor de restauratie van de historische gebouwen. De uitbreiding verbindt de bestaande museumdelen en voegt nieuwe ruimtes toe voor tentoonstellingen, ontmoetingen en experiment.

Duurzaamheid speelde vanaf het begin een belangrijke rol. In het nieuwe bouwdeel werden onder meer materialen uit lokale sloopstromen verwerkt. Daardoor vertelt het gebouw niet alleen iets over hedendaagse architectuur, maar ook over de manier waarop musea vandaag proberen om circulair en met een lagere materiaalimpact te bouwen.

Van circus naar technologiehub

Een paar straten verder ligt het Wintercircus, een gebouw dat bijna de hele moderne geschiedenis van Gent in zich draagt.

Het oorspronkelijke circus werd in 1885 gebouwd. Na een brand volgde in de jaren twintig een heropbouw en na de Tweede Wereldoorlog werd het complex omgevormd tot garage. Later fungeerde het jarenlang als opslagplaats voor oldtimers.

Na een renovatie van vijf jaar ging het Wintercircus in 2024 opnieuw open. BARO en SUMproject maakten van de voormalige piste een publiek toegankelijke arena, omringd door werkplekken voor start-ups, scale-ups en creatieve bedrijven. Onder het gebouw bevindt zich bovendien een concertzaal.

Net die opeenvolging van functies maakt het gebouw interessant. Het historische karakter is voelbaar gebleven, terwijl de invulling volledig naar de toekomst kijkt.

De Boekentoren blijft een baken

Wie Gent vanuit architectuur bekijkt, komt onvermijdelijk uit bij de Boekentoren van Henry van de Velde.

De 64 meter hoge universiteitsbibliotheek telt 24 verdiepingen en wordt vaak de vierde toren van Gent genoemd. Het modernistische gebouw markeert de overgang tussen het historische centrum en het kunstenkwartier. Binnen worden meer dan drie miljoen boeken, tijdschriften, kaarten, manuscripten en andere documenten bewaard.

De Boekentoren is daarmee zowel infrastructuur als stadsbeeld. Wie naar Gent kijkt vanaf de hoger gelegen delen van de stad ziet hoe Van de Veldes modernisme zich tussen de veel oudere torens heeft genesteld.

Warhol aan de Coupure

Architectuur en kunst raken elkaar ook bij Herbert Foundation aan de Coupure.

De stichting bewaart de collectie en archieven van Annick en Anton Herbert en is gevestigd op een voormalige industriële site in het centrum. Momenteel loopt er All Tomorrow’s Parties, een tentoonstelling rond films en drukwerk van Andy Warhol. Tot juni 2027 worden er onder meer 22 films getoond die in bruikleen zijn van The Andy Warhol Museum in Pittsburgh.

De tentoonstelling kijkt bewust voorbij de bekende popartbeelden en richt zich op Warhol als filmmaker, uitgever en maker van drukwerk.

Lampens net buiten de stad

Ook net buiten Gent valt architecturaal veel te ontdekken. In Sint-Martens-Latem krijgt Juliaan Lampens dit najaar bijzondere aandacht naar aanleiding van zijn honderdste verjaardag.

Museum Dhondt-Dhaenens organiseert vanaf 29 november de tentoonstelling Juliaan Lampens 1926–2026. Tijdens dezelfde periode worden ook bezoeken aan de Woning Van Wassenhove georganiseerd, een van de bekendste voorbeelden van zijn radicale betonarchitectuur.

Voor wie een architectuurweekend in Gent plant, vormt dat een mooie aanvulling op de stad zelf. Binnen een relatief kleine straal krijg je zo Art Nouveau, modernisme, brutalisme, industriële herbestemming en hedendaagse museumarchitectuur naast elkaar.

Dat is wellicht precies waarom Gent vandaag internationaal opvalt. De stad hoeft haar architectuur niet in één stijl samen te vatten. Het interessante zit juist in de opeenvolging van lagen en in de manier waarop oude gebouwen telkens opnieuw worden gebruikt.

Bron: Wallpaper / Design Museum Gent / Visit Gent / Herbert Foundation / Museum Dhondt-Dhaenens